Category Archives: Blog

Hier verschijnen berichten van onze twee bloggers Leanne en Maartje. Leanne is een eerstejaarsstudente van de bachelor Taalwetenschap en Maartje is masterstudente Taalwetenschap. Beide zijn ze ook actief in de redactie van de Twister. Lees hier elke maand hun taalkundige belevenissen!

Wss fout.

Ik doe erg m’n best om een blog te produceren, maar het blijkt erg moeilijk om me te concentreren met Facebook open in een tweede tabblad. Telkens dat irritante bliepje – wéér een nieuw bericht, wéér even afgeleid. Waarschijnlijk zou het beter zijn om dat tabblad te sluiten, maar ik heb ook vakantie.

Lees meer…

De verplichte vrijdag

De vrijheid die het schrijven van een scriptie toelaat, zorgt ervoor dat je jezelf beperkingen op moet leggen. Zo bedacht ik een deadline: deze week heb ik de resultaten en de conclusie af en volgende week, na het Pinksterweekend, ben ik klaar met de introductie. De motivatieboost die ik maandag had gekregen, werkt nog door en ik ben vastberaden om zelfs de dag na Hemelvaart naar de uni te gaan om te knokken. Probleempje: het Lipsius is dicht.

Lees meer…

TWeekend Oirlo – 18 tot 20 maart 2016

Door Maartje

Drop en wijn
De donkere straten waren ook stil. Slechts af en toe kwam er een auto langs sjezen. De vreemde kotsgeluiden van een eenzame fietser kwamen nog creepier over in deze leegte waarin we liepen, Maaike, Eefje, Dinette, Tessa en ik. Het doel was Oirlo, en dan niet het dorp zelf, maar de kampeerboerderij die daar een stukje vanaf lag, De Walnoot. We hadden onze dropplek al gelokaliseerd op de gemuteerde kaart die de AcCie ons meegaf als hulpmiddel. Want tja, onze smartphones hadden we moeten inleveren. Eefje had de hare wel mee, maar in een verzegelde envelop. Voor nood, zei de AcCie. Voor nooit, dachten wij. Lees meer…

Het laatje en de hup

Het was op een normale donderdagavond dat ik, vlak voor het avondeten, de gordijnen dicht wilde doen en de volgende gedachte me bekroop: ‘Wauw, het is nog niet donker.’ Vervolgens ging ik een heel stuk opgewekter aan tafel. Niet donker rond kwart over zes! Dat betekende dat we de zogenaamde Donkere Dagen achter ons lieten en uit de ellende kropen die de winter gewoon is.

 

Ja, ik zei ellende. Kou, duisternis. Krabben.

 

Hoe dan ook – dit feit bracht me in zo’n euforie dat ik besloot om na het eten eindelijk eens dat laatje uit te mesten dat al maanden op me wachtte. Iedereen heeft wel van die dingen die niet meteen een plek in je huis of kamer hebben en die na hun entree een tijdje op een onbestemde plek liggen – bij wijze van ‘niet in de weg’. Bij mij zijn dat dus de ansichtkaarten, tijdschriften en moktruien die ik weleens ontvang. ‘s Avonds verplaats ik ze van bed naar bureau, en ‘s morgens weer terug. Na een tijdje krijg ik hier dan genoeg van en gaat het hele zwikje in een laatje.

 

Uiteraard lost zo’n laatje niks op, het stelt alleen het opruimprobleem uit. Maar geen nood: er komt een moment dat je het laatje te lijf gaat en meestal valt het dan wel mee. Dan ‘heb je even de hup’, zoals mijn moeder dan zegt.

 

Die avond was de hup dus met mij en ik keerde spontaan het laatje om. De gebruikelijke zooi was aanwezig en moest even netjes weggewerkt worden – afwisselend in mappen, een bewaardoos en de prullenbak. Tussen de vaste meuk zitten echter altijd weer leuke dingetjes, waardoor je opruimwerkzaamheden enige vertraging oplopen. Nooit een straf immers, om die handgeschreven brief nog een keertje te lezen!

 

‘Andere leuke dingetjes’ betrof deze keer ook een aantal pasjes met nietszeggendheden als ‘Bedankt!’ en ‘Het lezen van literatuur bevordert het empathisch vermogen’. Inderdaad: ik was op een bundeltje oude cadeaukaarten gestuit, de meeste nog ongebruikt en geldig. Altijd fijn, als student! Eentje kon ik echter niet plaatsen. Uiterlijk in te leveren op 1 maart, bij een winkel die ik niet kende. Op naar Google dus maar, en even kijken wat ik nog op valreep goedkoper kon ophalen.
Even trof de ironie me – het einde van de Donkere Dagen had me immers de hup gegeven – maar toen besloot ik toch de bon mee te nemen. Morgen even om een nieuwe wintertrui.

Dublin

De eerste buitenlandreis van T.W.I.S.T.
26 tot 30 januari 2016

Door Maartje

Dinsdag
“Is this Doblin?” vroeg een Iers meisje bij de vertrekhal op Schiphol. Terwijl zij na mijn antwoord opgelucht verder liep, speelde er in mijn hoofd iets heel anders. Zeggen ze dat zo in Ierland? /dɔblɪn/? Grappig. Een paar uur later zou ik niet anders meer horen. Dan waren we er namelijk. In Dublin, in Ierland, buitenland! Dit was de eerste buitenlandreis van T.W.I.S.T.Lees meer…

kerst

Kerstgevoel

Door Leanne

Terwijl ik dit schrijf, staat bij ons thuis de Top 2000 op, met op het moment Funkin’ for Jamaica. Traditie met kerst. Verder hebben we een stol – met spijs! – en natuurlijk een kerstboom.

Lees meer…

De precisie van pepernoot

Door Maartje

Naast paprikachips, borrelnootjes en bitterballen verschijnen ze steeds vaker op najaarsfeestjes die verder niks met Sinterklaas te maken hebben: pepernoten! Of moet ik ze kruidnoten noemen? Ik bedoel die veel bekendere halve speculaasbolletjes, niet die misvormde taaitaaibrokjes. (Sorry, zo bedoelde ik het niet.) Ingewikkeld zeg, die definitie van ‘pepernoot’. Zijn er nog mensen die de speculaasbolletjes ‘kruidnoten’ noemen? Ikzelf ga ze pas zo noemen als er een duidelijk onderscheid gemaakt moet worden. Bijvoorbeeld in de volgende situatie: er staan op tafel twee bakjes, één met pepernoten en één met kruidnoten en ik wil de halve speculaasbolletjes. Dan zou ik vragen: “Mag ik de kruidnoten?” Als ik juist de zachte pepernoten zou willen, dan zou ik toch waarschijnlijk wel moeten vragen: “Mag ik de pepernoten? DUS NIET DE KRUIDNOTEN!” Die laatste toevoeging lijkt me haast noodzakelijk, want iedereen denkt aan halve bolletjes bij het woord ‘pepernoot’.

Lees meer…

Brussel, brillen en bekeerden

Drongo Festival, 25 en 26 sept. 2015 in de jaarbeurs te Utrecht

Een rapworkshop op Drongo

Door Maartje

Had ik  m’n ogen dicht, dan waande ik me in een gymzaalkleedkamer. Maar ik had ze open en zag donkere kleding, sneakers, petjes. Het was de rapworkshop in de Yellow Room die drie kwartier te laat begon. Naast mij waren er zes andere deelnemers. De gasten van Stikstof waren hierdoor net niet in de meerderheid. Stikstof, ik had er nog nooit van gehoord. Gelukkig stelden ze zich voor: een rapgroep uit Brussel. Ook wij kwamen aan de beurt. Je naam was niet genoeg, je moest ook vertellen wat je met rap had. De drie zwarte petjes rechts naast me waren “bekeerd”. Okeej. En ik? “Eehh, ik studeer Nederlands? En ja, ik vind het wel bijzonder hoe rappers zo snel kunnen improviseren en met rijmwoorden kunnen komen en zo… ja.” De drie vrouwen links van me waren netjes geklede docentes Nederlands die aan het bijscholen waren, ieder van hen had geverfd haar, make-up en een designbril. Hun doel was om “dichter bij hun leerlingen te komen”. (Ze waren het type veertiger waarvan je niet wilt dat ze chill, doekoe en dissen zeggen.) Het contrast was oogverblindend. Laten we beginnen.Lees meer…

bagelsbeans

Vaarwel, Vier Musketiers

Door Maartje

“Zo, nu zit ik met twee masters aan tafel!” Ik was gaan Bagels & Beansen met mijn studiegenoten, oud-studiegenoten eigenlijk al een tijdje. In het eerste jaar Taalwetenschap ontmoetten we elkaar en het was met hén dat ik de lunchzaak had ontdekt, ergens tussen wat colleges door. Ook toen we onze bachelor hadden gehaald (allemaal tegelijk) zochten we de Bagels & Beans op om het te vieren. Eentje nam altijd een bagel oude kaas en een ander nam altijd gekke sapjes.Lees meer…

wortelblog

Wortels, sap en wetenschap

Door Maartje

In de bus naar Leiden las ik een boek over een bejaarde man die dementie fakete, zodat hij naar een verzorgingstehuis moest en hij van z’n vrouw af was.[1] Het had grappig moeten zijn en misschien was het dat ook wel, maar ik vond het wreed. Misschien werd deze emotie veroorzaakt door het feit dat ik die ochtend geen ontbijt had mogen eten. De reden hiervoor was dat ik mee ging doen aan een psychologisch onderzoek over het effect van vitamine C op geheugen. Waarom ik hieraan meedeed? Lees meer…